Trainen op hartslag

"Hoe doe je dat nu en wat heb je er voor nodig". 
Uitleg over hartslagmeting, harfrequentie, rustpols en maximale hartslag.

90% - 100%

< 5minuten.

Nut: maximale of vrijwel maximale inspanning voor ademhaling en spieren.

80% - 90%

2 - 20 minuten.

Nut: beter in  staat tot langdurige hoge snelheden.

70% - 80%

10 - 60 minuten.

Nut: verbetert het algemeen trainingstempo, uithoudingsvermogen en efficiëntie.

60% - 70%

60 - 300 min.

Nut: verhoogt het basis uithoudingsvermogen en stimuleert de vetverbranding.

50% - 60%

20 – 60 minuten.

Nut: helpt bij de warming up en cooling down en bevordert herstel

HFmax             = maximaal aantal keren dat het hart in 1 minuut samentrekt.

HFrust             = aantal slagen per minuut tijdens volkomen, ononderbroken rust.

HFreserve       = het aantal hartslagen tussen HFmax en HFrust. 
                          HFreserve is het specifieke hartfrequentiebereik, een ingebouwde zekerheid.

 Voorbeeld 1:

Ik wil een duurloop doen met als doel mijn uithoudingsvermogen te vergroten.
Ik wil trainen op inhoud. Het tempo is niet hoog  en ik wil ongeveer anderhalf uur lopen.
Ik wil trainen op 70%. Mijn vaste waarden zijn; HFmax 180, HFrust 50.
Met welke HF moet ik trainen.

TrainingsHF
= HFmax 180 – HFrust 50 = HFres 130 x 70% = 91 + HFrust 50 = 141.

Voorbeeld 2:

Ik wil snelheid trainen en ik wil 12 maal 200m lopen 90% van mijn HFmax.
Met welke hartslag moet ik dan trainen. Mijn vaste waarden  zijn; HFmax 190, HFrust 40.

TrainingsHF
= HFmax 190 – HFrust 40 = HFres 150 x 90% = 135  + HFrust 40 = 175.

De verhouding arbeid:rust =  1:1. Er treedt verzuring op.